Financiële planning
Beleggen in BV of in prive
Checklist
Lening ouders aan kinderen
Oud regime lijfrente
Overdacht woning ouders aan kinderen
Schenkingsvrijstelling 2006
Schenkingsvrijstelling 2007
Schenkingsvrijstelling 2008
Schenkingsvrijstelling 2009
Schuldigerkenning
Wijziging Successiewet
Vermogensbeheer
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
Financiële planning :: Beleggen in BV of in prive

Beleggen in BV of in privé

Indien u in een Holding of een Beleggings BV voor de lange termijn vrij belegbaar, vrij uitkeerbaar en ook niet door pensioenverplichtingen e.d. gebonden vermogen beschikbaar heeft, heeft u als DGA de keuze om in de BV te beleggen of om het vermogen naar privé te halen en het verder in privé te beleggen. De afwijkende fiscale winstbehandeling tussen in de BV of in privé behaalde resultaten speelt een grote rol bij deze keuze. Immers, bij dezelfde belegging wijken de nettorendementen binnen de BV respectievelijk in privé af. Een argument om in privé te beleggen kan bij een actieve onderneming ook ingegeven worden door behoefte aan risicospreiding tussen bedrijfsrisico’s en privé-beleggingsrisico.

Voorop staat dat u vertrouwen en ervaring heeft in (actief) beleggen en een lange beleggingshorizon heeft.

  • Beleggingen in privé in box 3 worden belast met vermogensrendementsheffing (VRH) tegen het tarief van 1,2% over de gemiddelde waarde van de beleggingen aan het begin en aan het einde van het jaar (box 3).
  • Rendementen op in de BV belegd vermogen worden vanaf 2007 belast tegen circa 44,13%, een combinatie van de vennootschapsbelasting (Vpb) en de aanmerkelijk belang heffing (AB-belasting) in box 2.

Winst 100,00
Vpb 25,5% * 25,50 -/-
74,50
AB-belasting 25% 18,63 -/-
Resteert 55,87
Belastingdruk BV 44,13 % *
 * vanaf 2007 worden winsten tot € 60.000 belast tegen een lager Vpb tarief, waardoor bij lage winstbedragen de Vpb-druk ook wat lager uitvalt.

Bij de vergelijking tussen beleggen in BV of in privé met middelen, die nu nog in de BV beschikbaar zijn, wordt in privé belegd met het als dividend aan u uitgekeerde BV vermogen, verminderd met de in te houden AB-belasting van 25%. Hierna belegt u dus in privé met 75% van het vermogen ofwel € 1.125.000, tegenover de BV met 100% ofwel € 1.500.000.

Beleggen in privé of BV
Belegd vermogen privé 1.125.000 (=BV vermogen van 1.500.000 - 25% AB-bel.)                    
VRH 1,20% geen rekening is gehouden met vrijstelling van 20.014
Vpb 25,5% vanaf 60.000. Winst tot 25.000 = 20%. Tussen 25 en 60 = 23,5%
AB-belastingclaim 25% boven vrijstelling over 18.151 gestort kapitaal
Totaal rendement 4,84%
BV = externe kosten en kosten KvK: 2.500 vast per jaar
BV = excl. verlaging AB-tarief in 2007: tot 22% over box 2 inkomen tot 250.000

 

2007

2008

2009

2010

 

2014

2015

2016

Vermogen privé

1.125.000

1.165.623

1.207.713

1.251.324

1.442.090

1.494.163

1.548.117

Div. / koerswinst

54.450

56.416

58.453

60.564

69.797

72.318

74.929

1.179.450

1.222.039

1.266.167

1.311.888

1.511.887

1.566.481

1.623.046

VRH* gem. verm.

-13.827

-14.326

-14.843

-15.379

-17.724

-18.364

-19.027

1.165.623

1.207.713

1.251.324

1.296.508

1.494.163

1.548.117

1.604.019

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Vermogen BV

1.500.000

1.553.662

1.609.259

1.666.861

1.918.800

1.987.563

2.058.805

Div. / koerswinst

72.600

75.197

77.888

80.676

92.870

96.198

99.646

Vpb + externe kosten

-18.938

-19.600

-20.286

-20.997

 

-24.107

-24.956

-25.835

 

1.553.662

1.609.259

1.666.861

1.726.539

1.987.563

2.058.805

2.132.617

AB-claim

-383.878

-397.777

-412.177

-427.097

-492.353

-510.164

-528.616

 

1.169.784

1.211.482

1.254.683

1.299.442

1.495.210

1.548.642

1.604.000

 
Het bij dit artikel geplaatste rekenmodel is een hulpmiddel - niet meer dan dat - bij uw periodieke afweging of u in privé of in de BV wilt beleggen. Waarbij wij ons realiseren dat niet uitsluitend fiscale motieven leidend hoeven te zijn. Het model toont, bij de gekozen bedragen, een break even ofwel omslagrendement van 4,84 %. Bij een hoger rendement wordt in privé beleggen voordeliger. De eindvermogens na belastingen Privé en BV bedragen na 10 jaar bij dit totaalrendement van 4,84% per jaar ca. € 1.604.000.
 
Bij andere rendementen - ceteris paribus - na 10 jaar:
Rendement Eindvermogen privé             Eindvermogen BV   
3,0% 1.342.339 1.404.303
6,0% 1.791.733 1.742.708
8,0% 2.162.284 2.007.458
10,0% 2.600.434 2.307.938
 
Indien het BV vermogen reeds belegd is in effecten, kan de dividenduitkering aan privé ook plaatshebben door (een deel van) de effecten over te boeken naar privé, afhankelijk van de in privé gekozen beleggingsdoelstellingen. Dat scheelt aan- en verkoopkosten. Bij een relatief lage stand van de beursindices zou dat zelfs extra aantrekkelijk kunnen zijn. De BV - die de effecten waardeert tegen aankoopkosten of lagere beurswaarde - realiseert dan wellicht een fiscaal aftrekbaar verlies, terwijl u bij weer aantrekkende koersen in privé onbelaste koerswinst kunt behalen.
 
De ‘mythe’ over het voordeel van uitstel van heffing van AB-belasting
 
Uitstel van AB-belastingheffing wordt nogal eens aangevoerd als argument om geen AB-dividend uit te keren aan privé. Met enig rekenwerk willen wij aantonen dat daar objectieve argumenten tegen zijn.

Stel dat de waarde van de BV 1.500.000 is, inclusief een gestort kapitaal van 18.151. Bij dividenduitkering nu bedraagt de AB-belasting 370.462. Indien de BV pas over 10 jaar uitkeert / geliquideerd wordt en dan een vermogen van stel 2.500.000 heeft, bedraagt de AB-belasting bij ongewijzigd tarief 620.462.

Een rekensom leert dat de BV in 10 jaar is gegroeid met 5,241% per jaar, maar de AB-claim met 5,292%. De contante waarde van de deze AB-claim bedraagt dan 372.276, wat meer is dan de huidige claim van 370.462.

De contante waarde van de AB-claim moet worden berekend op basis van het groeipercentage van de BV. Daarmee gaan we uit van een zuiver uitgangspunt / interestpercentage voor deze contante waardeberekening. De AB-claim groeit sneller omdat het niet beclaimde gestorte kapitaal van 18.151 een extra groei van de AB-claim tot gevolg heeft. Dat bedrag wordt immers ook belegd.

 
Aannames rekenmodel
 
  • Bij het berekenen van Vpb is rekening gehouden met de in 2007 geldende Vpb-tarieven voor de winst tot € 25.000 (20%) respec. tussen € 25.000 en € 60.000 (23,5%).
  • Indien de totale winst in de BV belast zou zijn met 25,5% zou het break-even punt liggen bij 4,71% (1,2% VRH / 25,5% Vpb)
  • Bij de berekening van de VRH is voorzichtigheidshalve afgezien van het benutten van het heffingvrije vermogen van € 20.014 (c.q. € 40.028 bij overheveling tussen fiscale partners; peil 2007). Aanname is dat de DGA de vrijstelling benut op basis van ander box 3 privé vermogen.
  • In de BV wordt € 2.500 berekend voor kosten jaarrekening / accountant, bijdrage Kamer van Koophandel e.d.
  • In de BV is echter geen rekening gehouden met extra kosten uit hoofde van de gebruikelijk loon-regeling ex art. 12a Wet op de loonbelasting 1964. Deze zijn overigens voor Beleggings BV’s waarin alleen vermogensbeheer plaatsvindt, gematigd en wellicht zelfs nihil (vgl. jurisprudentie Hoge Raad ingeval van een slapende BV en een Pensioen BV, die geen economische activiteiten ontplooiden). Uw belastingadviseur kan u ter zake adviseren.
  • Het totaalrendement (koersmutaties en contante opbrengsten) na transactiekosten is in BV en in privé gelijk.
  • Verliezen zijn in de BV aftrekbaar. Uitgangspunt is dat bij beleggen met vertrouwen wordt uitgegaan van een over de jaren positief resultaat. Zo niet, dan zal er immers geen beleggingsrisico worden genomen.
  • Koersresultaten in de BV worden jaarlijks gerealiseerd, uitgaande van een actief beleggingsbeleid (geen “buy en hold” beleid over 10 jaar). Uitstel van Vpb over waardestijgingen vindt dus niet plaats. Onderscheid tussen contante inkomsten uit effecten en waardemutaties is dan ook niet gemaakt.

Terug naar overzicht