Vermogensbeheer
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 

Gemengde signalen: Macro economische indicatoren (deel 2)

In een aantal columns zal ik ingaan op mijn visie op de beurs. Uiteraard kunnen nieuwe feiten en gebeurtenissen mijn visie veranderen. Hoewel de richting van de beurs vaak moeilijk te voorspellen is, zal ik meerdere indicatoren gebruiken om mijn visie te ondersteunen. De indicatoren variëren van macro-economische analyse, fundamentele analyse, technische analyse tot psychologische factoren.

In mijn vorige column ben ik ingegaan op de rol van de (Amerikaanse) overheid. In deze column zal ik dieper ingaan op de Amerikaanse consument. Daarnaast zal ik ook de vaker door mij aangehaalde Baltic Dry Index en de korte rente behandelen.

Consumentenbestedingen
Hoewel de opkomst van China en India onmiskenbaar is, is de Amerikaanse economie nog steeds veruit de belangrijkste economie ter wereld en hiermee ook het belangrijkste voor de wereldwijde beurzen. De Amerikaanse economie wordt normaal gesproken voor een groot gedeelte bepaald door consumentenbestedingen. De belangrijkste voorwaarde om te blijven consumeren is uiteraard het hebben van een baan. Wat mij betreft is dit één van de grootste problemen in de VS op dit moment.
 
Werkloosheid
Zoals vermeld draait de Amerikaanse economie op dit moment voor een groot gedeelte op overheidsbestedingen. Gegeven de enorme schulden van de overheid zal de consument op een gegeven moment dit stokje moeten overnemen. Uit onderstaande grafiek kunt u opmaken dat de werkloosheid in de VS fors is opgelopen. Naast de daling van de huizenprijzen zorgt dit er voor dat de consumentbestedingen fors zijn teruggevallen.
 
Werkloosheid als percentage van de beroepsbevolking
 
Maandelijkse aanvragen werkloosheidsuitkeringen
 
Aantrekkende arbeidsmarkt?
Toch is er een aantal lichtpuntjes dat er op duidt dat de arbeidsmarkt op korte termijn aan kan trekken. De afgelopen maanden zijn de arbeidsproductiviteit en de gemiddelde werkweek (aantal gewerkte uren per week) fors toegenomen. Tevens wordt er weer meer overgewerkt. Dit betekent dat de productie aantrekt, maar dat bedrijven de extra productie nog opvangen met bestaande werknemers. Dit kan men echter niet oneindig volhouden waardoor bedrijven op termijn weer mensen moeten aannemen. Daarnaast neemt het aantal aangekondigde toekomstige ontslagen af.
 
Verandering arbeidsproductiviteit op jaarbasis
 
 
Werkweek in uren
 
Aangekondigde ontslagen
 
Dit heeft er voor gezorgd dat de productiekosten, die vooral bepaald worden door de loonkosten, de laatste maanden weer toenemen.
 
Productiekosten
 
Ook het onafhankelijke onderzoeksinstituut Conference Board gaat er vanuit dat op zeer korte termijn de arbeidsmarkt zal herstellen. Hierbij baseren zij zich op hun Employment Trends Index. Deze arbeidsmarkt index is samengesteld uit 8 verschillende indicatoren, zoals het aantal openstaande vacatures, toename van het aantal uitzendkrachten, het aantal werkloosheidsaanvragen en het percentage werklozen dat aangeeft moeilijk een nieuwe baan te vinden. Hoe hoger deze index, hoe beter de toekomstige arbeidsmarkt.
 
 
Baltic Dry Index
In meerdere columns heb ik geschreven over de Baltic Dry Index (BDI). Deze index is de belangrijkste graadmeter voor tarieven van de bulkscheepvaart. Het wordt dagelijks gepubliceerd door de Londense Baltic Exchange. De koers wordt samengesteld op basis van de tarieven die betaald worden om grondstoffen te vervoeren op de 25 drukst bevaren scheepvaartroutes. Alleen de scheepsvervoerders en aanbieders van grondstoffen mogen handelen op deze beurs. De BDI is dus een mooie objectieve maatstaf voor de wereldhandel. Uit de grafiek blijkt dat er een grote correlatie is tussen de AEX (onderste lijn) en de BDI (bovenste lijn). Daalt de BDI dan daalt de AEX en vice versa. Uitzondering was de periode 1997 – 2003 toen de beurzen stegen en inklapten vanwege de IT-bubble. Voor de goede orde, beide indices zijn in onderstaande grafieken in euro’s weergegeven.
 
In onderstaande grafiek heb ik de BDI vergeleken met de AEX, gemeten vanaf eind december 2008 tot en met 25 januari 2010. Op het eerste gezicht lijken beide indices elkaar redelijk te volgen. De schaalverdeling geeft echter een vertekend beeld. De AEX is inclusief dividend met ruim 38 % gestegen. De BDI is in dezelfde periode met ruim 312 % gestegen. Op basis van deze indicator lijkt de AEX dus achter te lopen.
 
Korte rente
De meeste analisten gaan er vanuit dat de zowel de Fed als de ECB op zijn vroegst pas aan het einde van dit jaar de korte rente zullen verhogen. Dit betekent dat de Centrale Banken voorlopig het monetaire systeem nog niet te veel willen verkrappen. Blijkbaar vinden de Centrale Banken het nog te vroeg om de eventuele toekomstige inflatie af te remmen. Het stimuleren van de economie heeft dus nog steeds de eerste prioriteit. Hoewel wij dit verwelkomen geeft dit wel aan dat de Centrale Banken, die zeer veel informatie hebben over de economie, voorlopig nog onzeker zijn over het herstel.

Conclusie
De BDI index duidt op een sterke verbetering van de wereldeconomie. Deze verbetering wordt echter grotendeels gedragen door overheidsstimuleringen die doorsijpelen in de economie. Op lange termijn moet de (Amerikaanse) consument echter het stokje gaan overnemen. Op dit moment is echter de Amerikaanse werkloosheid bijzonder hoog. Zeker als men realiseert dat veel werklozen zich niet inschrijven als werkloos. Gelukkig zijn er wel tekenen dat de werkgelegenheid snel kan aantrekken. Mocht dit inderdaad gebeuren, dan kan de consumptie en daarmee de economie weer snel aantrekken. Dit is een absolute voorwaarde voor een duurzaam herstel op de wereldwijde beurzen. De Fed houdt voorlopig de korte rente bijzonder laag. Een teken dat zij vinden dat de zieke patiënt voorlopig nog aan de medicijnen moet blijven.
 
drs Richard H.J. de Jong RBA is adjunct directeur vermogensbeheer bij Van Lieshout & Partners N.V.