|
Nieuw seriebeleid voor individuele aandelenopties
Met ingang van 19 februari past Euronext.liffe het beleid aan voor de introductie van individuele aandelenopties. De aanpassing ziet op een verandering van het minimum aantal verhandelbare series per afloopmaand en de gebruikte serie intervallen. Nieuw is dat per afloopmaand meerdere serie intervallen mogelijk zijn: de around-the-money series (= de uitoefenprijzen die het dichtst bij de actuele koers van het aandeel liggen) krijgen een kleiner serie interval dan de in- en out-of-the-money series. Nu geldt per optiefonds een vast interval.
Ook nieuw is dat het minimum aantal series per afloopmaand afhankelijk wordt van de resterende looptijd van de afloopmaand. Het minimum aantal in-the-money (ITM), at-the-money (ATM) en out-of-the-money (OTM) series die initieel worden geďntroduceerd voor de korte, middellange en lange termijn is als volgt:
| Korte termijn (1,2 en 3 maanden) 3 ITM + 1 ATM + 3 OTM |
| Middellange termijn (6, 9 en 12 maanden) 2 ITM + 1 ATM + 2 OTM |
| Lange termijn (18, 24, 36, 48 en 60 maanden) 1 ITM + 1 ATM + 1 OTM |
In het huidige seriebeleid zijn er voor elke looptijd tenminste twee ITM en twee OTM series. Als één van deze series ATM is, komt er een extra serie bij. De wijziging betekent dus dat er voor kortere looptijden meer series gaan komen en voor de lange looptijden minder.
De uitoefenprijzen worden berekend volgens onderstaande tabel:
Het minimum aantal initieel geďntroduceerde series per afloopmaand is als volgt:
≤ 3 maanden tot expiratie
Voor afloopmaanden met een resterende looptijd tot en met 3 maanden tenminste 7 series:
| - 3 series around-the-money: |
intervalschaal A 1e ITM+ATM+1e OTM |
| - 4 series: |
intervalschaal B 2e ITM+3e ITM+2e OTM+3e OTM |
> 3 en ≤ 12 maanden tot expiratie
Voor afloopmaanden met een resterende looptijd van meer dan 3 maanden tot en met 12 maanden tenminste 5 series:
| - 3 series around-the-money: |
intervalschaal B 1e ITM+ATM+1e OTM |
| - 2 series: |
intervalschaal C 2e ITM+2e OTM |
> 12 en ≤ 36 maanden tot expiratie
Voor afloopmaanden met een resterende looptijd van meer dan 12 maanden tot en met 36 maanden tenminste 3 series:
| - 1 at-the-money serie: |
intervalschaal C ATM |
| - 2 series: |
intervalschaal D 1e ITM+1e OTM |
> 12 en ≤ 36 maanden tot expiratie
Voor afloopmaanden met een resterende looptijd van meer dan 36 maanden tenminste 3 series:
| - 3 series: |
intervalschaal D 1e ITM+ATM+1e OTM |
Een voorbeeld
Het aandeel Elsevier noteert 14. Regel 3 van de tabel is dan van toepassing. Schaal A heeft dan een interval van 0,50, B van 1, C van 2 en D van 4. Voor de diverse looptijden worden dan de volgende series geďntroduceerd:
≤ 3 maanden tot expiratie
| 12 |
-13 |
-13.50 |
-14 |
-14.50 |
-15 |
-16 |
| B |
B |
A |
A |
A |
B |
B |
> 3 en ≤ 12 maanden tot expiratie
> 12 en ≤ 36 maanden tot expiratie
>12 en ≤ 36 maanden tot expiratie
Dat er voor korte looptijden meer series komen met ook rondom de actuele koers een kleinere interval is positief. De vermindering bij de lange looptijden vind ik jammer omdat de mogelijkheden voor het opzetten van langlopende rendementsstrategieën hierdoor beperkt kan worden.
Kees van Lieshout. Met dank aan Euronext.liffe
|