Vermogensbeheer
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 

Introductie van nieuwe optieseries (2)

In de laatste EFFECT van vorig jaar is uiteengezet dat het verstrijken van de looptijd reden is om nieuwe optieseries te introduceren. In dit deel van het tweeluik komt de rol van de uitoefenprijzen aan de orde.

Euronext Amsterdam onderscheidt 6 groepen van aandelen, al naar gelang de liquiditeit. Hoe meer liquide een fonds is, hoe hoger de groep en hoe hoger de groep, hoe meer optieseries er uitstaan en er dus ook telkens bijkomen. Zo bestaat groep 1 uit de 10 actiefste optiefondsen en kent de meeste looptijden. na elke expiratie verdwijnen er optieseries en worden er nieuwe geintroduceerd. De koers die gebruikt wordt voor het bepalen van de te introduceren series is de slotkoers van 2 beursdagen voorafgaand aan de introductie. Dus bij een introductie op vrijdag geldt de slotkoers van de woensdag eraan voorafgaand.

Seriebeleid
Alle groepen hebben voor elke looptijd tenminste twee in-the-money (itm) en twee out-of-the-money (otm) series in de notering. Als één van deze series at-the-money (atm) is, komt er een extra serie bij. Om atm te zijn, moet de onderliggende waarde (het aandeel) een koers hebben binnen een bandbreedte rondom de betreffende serie. Deze bandbreedte is 25 % van de serie-interval. Het serie-interval wordt afhankelijk van de looptijd per afloopmaand bepaald. Dit gebeurt aan de hand van het voortschrijdend gemiddelde maandvolume in optiecontracten in de voorgaande 12 maanden. Als het volume is toegenomen, wordt een kleinere interval toegepast. Vervolgens wordt gekeken naar de 125-daags volatility van het fonds: een hogere volatiliteit geeft een grotere interval en vice versa. Deze uitkomsten worden vervolgens voorgelegd aan de liquidity providers (de primary market makers) want zij zijn immers verplicht om in alle series bied- en laatprijzen af te geven.

Een voorbeeld
De serie-interval is € 5. De bandbreedte is dan 5 x 25 % = 1.25. Indien de koers die gebruikt wordt voor het bepalen van de te introduceren series 98 is, dan worden de volgende series ingevoerd: 90 en 95 (twee itm series) en 100 en 105 (twee otm series). Noteert de koers nu in een bandbreedte van 98.75 (=100 - 1.25) tot 101.25 (=100 + 1.25), dan is de 100-serie atm, waardoor slechts 1 serie otm is, namelijk de 105. Er wordt dan tevens een 110-serie geïntroduceerd om aan het vereiste van tenminste twee otm series te voldoen.

Verzoeknummers
De leden van Euronext kunnen ook hun wensen kenbaar maken ten aanzien van het seriebeleid. Als een lid een andere interval wenst dan toepasselijk is, worden de Liquidity Providers van de betreffende optieklasse geraadpleegd. In het verlengde van deze van de standaardregels afwijkende mogelijkheden bestaan de Series on Request (SOR). De SOR maakt het voor het publiek (niet-beursleden en particulieren) mogelijk om optieseries aan te vragen die via het hiervoor beschreven seriebeleid niet verhandelbaar zijn. Hierbij wordt onderscheid gemaakt tussen standaard SOR en niet-standaard SOR.

Een standaard SOR kan uitsluitend worden aangevraagd in reeds bestaande afloopmaanden van het betreffende optiecontract. In de categorie series met een looptijd tot 12 maanden kunnen geen series worden aangevraagd met uitoefenprijzen hoger dan de reeds bestaande hoogste uitoefenprijs, respectievelijk lager dan de reeds bestaande laagste uitoefenprijs. In deze categorie kunnen dus alleen tussenliggende uitoefenprijzen worden aangevraagd. De uitoefenprijs dient afgerond te zijn op een hele of halve euro. In de categorie series met een looptijd van 12 maanden of langer worden alleen de eerste twee otm series en de eerste twee itm series geaccepteerd, volgens het voor dat optiecontract geldende interval.

Voor de niet-standaard SOR geldt dat de aanvrager dient te garanderen dat er onmiddellijk na introductie een transactie zal plaatsvinden van minimaal 250 contracten. Elke afloopmaand mag worden aangevraagd, zolang de looptijd niet langer is dan de langstlopende afloopmaand in de betreffende klasse. Een niet-standaard SOR dient een afronding te hebben van 0,10 euro. Afwijkende afloopmaanden en uitoefenprijzen kunnen worden aangevraagd. Van de andere standaard contractspecificaties kan niet worden afgeweken.

Alle SOR's vallen onder de stelverplichting van de liquidity providers. Dit betekent dat de primary market makers in de betreffende optiefondsen verplicht zijn hierin een dubbelzijdige markt (bieden en laten) te onderhouden.

Euronext beslist
Een definitief besluit over de introductie is voorbehouden aan Euronext.liffe Amsterdam. Op de laatste handelsdag voor expiratie worden geen aanvragen voor SOR's in behandeling genomen voor series in de expirerende afloopmaanden. Voor zowel de standaard als de niet-standaard SOR geldt dat als aan het einde van de handelsdag, waarop de nieuwe serie is geïntroduceerd, geen open interest is ontstaan (dat wil zeggen, er is die dag niet gehandeld in die serie) de serie weer wordt verwijderd. Dit is ook logisch: de betreffende serie is juist aangevraagd om er in te kunnen handelen.

Kees van Lieshout is directeur van Van Lieshout & Partners N.V., een landelijk werkende en onafhankelijke onderneming, gespecialiseerd in vermogensbeheer en financiële planning voor vermogende particulieren en directeur-grootaandeelhouders

Terug naar overzicht