Vermogensbeheer
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 

Roerige tijden

Eind juni deed ik een voorstel om met strangles op financials te speculeren op de uitdijende problemen van Griekenland. Uitgangspunt was de verwachting, dat bij een escalatie van de problemen de koersen van juist financiële waarden fors zouden dalen en bij een duidelijke en structurele oplossing flink zouden kunnen herstellen. Door de aankoop van zowel een call als put optie zou één van beide opties sterk in waarde moeten toenemen.

Bij een koers van 8.15 in ING stelde ik de koop voor van de call ING september 2011 met uitoefenprijs 8.40 en de put 8.00. De call kostte 0.40 en de put 0.43. Voor Aegon koos ik dezelfde looptijd voor een call met uitoefenprijs 4.60 voor 0.23 en voor een put met uitoefenprijs 4.40 voor een premie van eveneens 0.23.

Op expiratiedatum noteerde ING 5.31. De call 8.40 liep uiteraard waardeloos af. De put daarentegen had een intrinsieke waarde van 2.69 (8.00 - 5.31). Op een investering van totaal 0.83 bedroeg de winst 1.86, uiteraard voor kosten.

Aegon noteerde die expiratiedag 3.14. Ook daar liep de call 4.60 waardeloos af. De put 4.40 was intrinsiek 1.26 waard bij een investering van samen 0.46. Dat is een brutowinst van 0.80.

Op zich aardig, maar de grote koersuitslagen zijn natuurlijk een uiting van de toegenomen onzekerheid van de laatste maanden. Waar de markt schreeuwt om duidelijkheid en concrete oplossingen, blijven politici elkaar tegenspreken en de problemen voor zich uitschuiven. Dit vertaalt zich in heftige koersbewegingen, vooral van financials en meer cyclische aandelen. De volatiliteit is inmiddels het dubbele van het historisch gemiddelde.

Dat is gunstig voor market makers en daghandelaren, maakt lastiger voor meer traditionele optiebeleggers. Het kopen van opties is door de hoge volatiliteit duur. Bescherming van aandelenposities door middel van het kopen van put opties is bijna onbetaalbaar geworden, terwijl onbeschermde posities heftig meedeinen met de waan van de dag. Als opties duur zijn, zou dit juist een argument zijn om ze te verkopen. Bijvoorbeeld de verkoop van call opties op aandelen in portefeuille. Echter bij de zeer volatiele aandelen zijn de uitslagen inmiddels dermate groot, dat ook een hoge ontvangen optiepremie achteraf toch niet interessant kan blijken te zijn. Immers, door de verkoop van calls brengen we ook een plafond aan in het koerspotentieel naar boven.

Hierbij wil ik wel een uitzondering maken voor echt solide aandelen. Terwijl de AEX voor dit jaar min 24 % noteert, zijn deze percentages voor Royal Dutch Shell – 9 % en voor Unilever slechts – 1 %. Niet voor niets werden deze aandelen vroeger weduwen- en wezenaandelen genoemd. Met een bestendig dividend en opbrengsten uit de verkoop van gedekte call opties kan nog steeds een aantrekkelijk contant rendement gegenereerd worden.

Bij een koers van 23.35 biedt de Koninklijke een dividendrendement van 5,1 %. De verkoop van de call september 2012 met uitoefenprijs 26 levert 1.00 ofwel 4,3 % op. Samen is dat 9,4 % contant rendement voor een jaar terwijl de uitoefenprijs van de call nog voldoende opwaarts potentieel biedt.

Voor Unilever (koers 23.40) levert de call juni 2012 met uitoefenprijs 26 0.60 op. Tot juni keert Unilever 0,67 aan dividend uit. Samen is dat 1,27 ofwel 5,4 % voor negen maanden met ook nog ruimte voor koersstijgingen. Wellicht niet spectaculair, maar in deze onzekere tijden toch een anker in de portefeuille.

Kees van Lieshout

Van Lieshout & Partners N.V. houdt voor haar cliënten posities aan in aandelen en opties RDS en Unilever. Kees van Lieshout heeft posities in RDS en Unilever via het Dutch Stock and Option Fund.