Vermogensbeheer
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 

Trackers de weg kwijt

Bijna 10 jaar geleden kocht ik voor mijn klanten voor het eerst een tracker. Uiteraard had ook ik last van alles wat er in de theorieboekjes staat, namelijk dat de volwassen markten efficiënt zijn. Op deze markten (zoals bijvoorbeeld de Dow Jones) is het behalen van outperformance niet of nauwelijks mogelijk. Minder volwassen, zoals de Emerging Markets, zijn minder efficiënt en dus is outperformance wel makkelijker mogelijk. Vandaar dat ik de trackers alleen kocht voor de volwassen marken.

Wat mij betreft waren trackers toen één van de beste innovaties in de financiële sector. Er waren slechts een paar aanbieders en je kon zeer eenvoudig een index kopen. Als belegger wist je precies wat je kocht. Tegenwoordig is dat helaas anders. De trackers van nu doen mij sterk denken aan gewone beleggingsfondsen. Net als bij de normale fondsen, heeft ook de trackerindustrie de Wet van Say ontdekt: elk aanbod schept zijn eigen vraag.

Hieronder zal ik een aantal ontwikkelingen met u doornemen.

Synthetische trackers
In het verleden was het zo dat de aanbieder van een tracker (bijna) alle aandelen van de onderliggende index kocht. Uiteraard bewoog de tracker hierdoor (bijna) één op één mee met de desbetreffende index. Nu zijn er ook synthetische trackers. Hiermee koopt de aanbieder van de tracker niet de onderliggende aandelen, omdat deze vaak minder liquide zijn. In plaats van het kopen van de onderliggende aandelen uit de index wordt het belegd vermogen overgeheveld naar een zakenbank. De desbetreffende zakenbank garandeert dat zij het rendement van de index uitbetaalt. Het risico voor de belegger in de synthetische tracker is dat de zakenbank zijn verplichtingen niet kan nakomen. Daarom houdt de bank een onderpand aan dat op papier minstens evenveel waard is als de waarde van de ETF’s. Dat onderpand kan losstaan van de desbetreffende index. Zo kan het voorkomen dat een synthetische tracker op de AEX een onderpand heeft van Amerikaanse aandelen. Als de zakenbank omvalt, blijft de houder van de ETF met deze stukken zitten.
 
Toeters en bellen
Los van bovenstaande synthetische trackers komen er ook steeds meer speciale trackers. Hiermee bedoel ik trackers die bijvoorbeeld met leverage werken of zogenaamde short trackers. Short trackers zijn precies het omgekeerde van de normale long trackers. De tracker beweegt precies mee met de daling van de index en niet de stijging zoals bij een normale tracker. Daarnaast lijkt het wel of er elke dag nieuwe aanbieders van trackers bijkomen, waardoor je haast door de bomen het bos niet meer ziet.
 
Uitlenen effecten
Net als veel gewone beleggingsfondsen, lenen sommige trackers de aandelen in hun portefeuille uit. Degene die de aandelen leent, betaalt hier een aantal basispunten over. De tracker kan daardoor de kosten drukken (of zelf een hogere winstmarge behalen). Op zich een logische gedachte, maar ook dit uitlenen brengt risico met zich mee. Het is maar de vraag of je de aandelen terugkrijgt als degene die ze van jou leent failliet gaat.
 
Fundamentele tracker
Op dit moment lijkt het er op dat er in de nabije toekomst steeds meer fundamentele trackers op de markt gaan komen. Een fundamentele tracker is een tracker die niet simpel een (marktgewogen) index kopieert, maar zelf de index gaat samenstellen op basis van bepaalde fundamentele factoren, zoals koers/winstverhoudingen. Veel onderzoek wijst namelijk uit dat zo’n index het veel beter doet dan een marktgewogen index. Toch vind ik dit geen goede zaak. Een tracker moet alleen dat doen waar het voor bedoeld is, te weten het kopiëren van de index. Ik juich het toe als de samenstellers van een index deze anders gaan samenstellen, maar dat is niet de taak van een tracker.
 
Actieve tracker
De laatste trend inde trackerindustrie hangt een beetje samen met bovenstaande. Er komen nu ook zogenaamde actieve trackers op de markt. Dit zijn trackers waarbij de manager van de tracker een visie heeft en dus de index probeert te verslaan. Nogmaals, volgens mijn bescheiden mening geen goede ontwikkeling. Als koper van een tracker wil ik simpelweg de onderliggende index kopen en voor de rest geen toeters en bellen. Dus vooral geen visie van een fondmanager.
 
Tot slot
Volgens veel mensen zijn de lage kosten een voordeel, maar dat is natuurlijk onzin. Ik kan mijzelf niet voorstellen dat iemand ergens in belegt vanwege de lage kosten. Uiteraard wel vanwege het goede netto rendement (dus het rendement na kosten) binnen een bepaald risico.

Terug naar oorspronkelijke doel
Hoewel veel van bovenstaande ontwikkelingen wellicht gunstig kunnen zijn, heb ik er toch een beetje moeite mee. Volgens mij was het oorspronkelijke doel van een tracker dat je als belegger op een eenvoudige wijze een index kan kopen. Vaak was het rendement ook nog eens hoger dan een concurrent beleggingsfonds. Hierbij was een tracker zeer eenvoudig te begrijpen. Met alle ontwikkelingen die zich nu af spelen, is dat helaas verleden tijd.
 
drs Richard H.J. de Jong RBA is adjunct directeur vermogensbeheerbij Van Lieshout & Partners N.V.