|
Weekopties (1)
Eind mei 2006 zijn er weekopties op de AEX-index geïntroduceerd met een looptijd van één week, van vrijdag tot en met de daaropvolgende vrijdag. Eigenlijk zijn het dus zesdaagsopties. De contractspecificaties zijn gelijk aan de maandopties op de AEX behalve de looptijd en de serie-interval. Bij maandopties is de interval 5.00 en bij de weekopties is dat 2.50.
Op vrijdagen is er handel mogelijk in twee optieklassen: de opties die op die dag aflopen en de opties die op de vrijdag een week later aflopen. Een maand kan maximaal vijf vrijdagen tellen. Toch zijn er maar maximaal vier weekopties, omdat de derde vrijdag de AEX maandopties expireren. Deze opties fungeren de laatste week van hun bestaan dus als weekoptie. Elke weekoptie heeft een eigen handelssymbool. Het schema van de series is als volgt:
| Handelssymbool |
Laatste handelsdag |
| AX1 |
Eerste vrijdag van de maand |
| AX2 |
Tweede vrijdag van de maand |
| AEX* |
Derde vrijdag van de maand |
| AX4 |
Vierde vrijdag van de maand |
| AX5 |
Vijfde vrijdag van de maand |
* Dit is de maandoptie op de AEX die op het eind als het ware als AX3 fungeert.
Combinatieorders in weekopties met verschillende looptijden zijn niet mogelijk omdat de weekopties aparte handelssymbolen hebben. Doorrollen van een expirerende vrijdag naar de nieuwe vrijdag (bijvoorbeeld een close sell van de AX1 en een open buy van de AX2) kan dus niet. Dit moet via twee aparte koop- en verkooporders worden gehandeld. Dit beschouw ik als een belemmering van het systeem omdat bij doorrollen in een combinatieorder vaak scherpere prijzen zijn te handelen. Dagelijks bij de start van de handel zijn er minimaal drie in-the-money, één at-the-money en drie out-of-the-money series met een interval van 2.50. Dus als de AEX 500 noteert, dan zijn er de volgende series: 492.50, 495, 497.50, 500, 502.50, 505, 507.50. De liquiditeit is goed.
Grote hefboomweking
Weekopties hebben uit de aard der zaak een korte looptijd. Hierdoor is de tijd- en verwachtingswaarde ook in absolute zin laag en dus ook de optiepremie. De hefboomwerking is daardoor erg groot. Met andere woorden: een geringe beweging van de AEX leidt tot een grote prijsverandering van de optie. In theorie pleit dit voor het kopen van de optie: als je de juiste visie hebt, kun je er maximaal van profiteren. We moeten echter wel onderscheid maken tussen relatief en absoluut.
Een voorbeeld
De weekcall AEX 495 die op 17 november afloopt (toevallig is dit een maandoptie want 17 november is de derde vrijdag van de maand) kost bij een indexstand van 492.76 op 14 november ’s middags 1.75. De resterende looptijd is 3,5 dagen. De premie bestaat geheel uit verwachtingswaarde. Per dag bedraagt deze 1.75 : 3,5 = 0.50.
De call AEX januari 2007 met dezelfde uitoefenprijs kost 10.80. In absolute zin is deze optie natuurlijk veel duurder, relatief echter niet. Met nog 46 beursdagen tot expiratie is de verwachtingswaarde gemiddeld per dag: 10.80 : 46 = 0.23. Relatief is deze call dus veel goedkoper.
Dit pleit dus eerder voor het verkopen van weekopties. Dit is te meer zo omdat het verdampen van de verwachtingswaarde versnelt als de expiratiedatum nadert.
Kees van Lieshout. Met dank aan Euronext.
|